Marc Mulders

Een verwaarloosde straat midden in het oude centrum van Napels. Op een onooglijke en afgebladderde muur hang een gescheurd affiche waarop een half ontblote man een afgehakt hoofd voor zich uit houdt. Hij toont het hoofd aan het volk, dat in dit geval uit tientallen kinderen bestaat die op scooters en brommertjes voorbij scheuren. Rechts onder het affiche heeft iemand de leus Grazie Maradona gekalkt. De man op het affiche is Paulus met het hoofd van Johannes de Doper in zijn handen. Het is een afbeelding van een schilderij van Caravaggio. Maradona is de gewezen stervoetballer van A.S. Napoli die de club en de hele stad in 1987 de langbegeerde scudetto, het kampioenschap van Italië bezorgde.

Corpo di Napoli

In het bovenbeschreven beeld komen twintigste-eeuwse heldenverering en een bijbelse voorstelling van drama en verraad op toevallig wijze bijeen. Het is een fotowerk van Marc Mulders en biedt een goed inzicht in de aard van het karakter van zijn oeuvre.

Dit oeuvre verhoudt zich op een nogal tegendraadse manier tot de moderne stromingen binnen de beeldende kunst van de afgelopen jaren. Op de eerste plaats is Mulders (1958, Tilburg) een schilder; een schilder in een tijd waarin de schilderkunst - ook door de meeste schilders zelf - lijkt te zijn opgegeven. Bovendien behoort Mulders niet tot de groep 'overgeblevenen', die krampachtig pogingen doet om nieuwe schildersmethoden te ontwikkelen, andere beeldoplossingen te zoeken en een nieuwe beeldtaal te vinden. Waarbij de noodzaak hiervan helaas vaak over het hoofd wordt gezien. Mulders is een schilder die zich afkeert van dergelijke noviteiten en zich richt op de klassieke tradities van de schilderkunst: stillevens van dood wild, een schapekop, pieta's, bloemen en Gotische roosvensters.

Daarnaast maakt Mulders fotowerken waarin hij op een snelle en directe manier verschillende beelden samenbrengt. Beelden die in hun samenhang duidelijk maken dat de mensheid in haar wreedheid en geweld vandaag de dag in niets onderdoet voor de mensheid van tweeduizend jaar geleden. De fotowerken fungeren voor Mulders als een soort statements, die zijn werk en positie als kunstenaar bepalen.

Lijden

Mulders' schilderijen bestaan zonder uitzondering uit vele over elkaar heen aangebrachte lagen verf, waaruit de voorstelling slechts met moeite te voorschijn komt. Zij lijkt als het ware op de verf-massa bevochten. Het oppervlak, de huid van het schilderij, vertoont dan ook overal sporen van actie en strijd. Van dichterbij bekeken lost het beeld echter direct weer in de massa op.

Eco Homo

Het is niet alleen de wijze waarop de doeken geschilderd zijn, maar bovenal de aanwezigheid van de hierboven geschetste beelden die vragen oproept. Wat bezielt een jonge, Nederlandse kunstenaar om zich met deze voorstellingen bezig te houden?

Corpo di Napoli

'Ik heb mijzelf de eis gesteld dat een schilderij de wereld moet reflecteren. Het is echter geen nieuwe kunst, het zijn geen nieuwe onderwerpen, maar de klassieke thema's, scènes van passie, de diepte van hemel en hel. Mijn verhaal gaat over lijden en het feit dat dat van alledag en van alle tijden is. In al mijn doeken is om die redenen altijd een lijdend voorwerp te zien. In de Renaissance werd het lijden verbeeld in schilderijen. Wij leven echter in een tijd waarin het lijden door een nieuw kanaal als CNN in zijn meest schrijnende vorm getoond wordt. Naast het schilderen van stillevens, dood wild en pièta's maak ik ook schilderijen naar aanleiding van de Golfoorlog, Boekarest, Peking en Joegoslavië, omdat ik het belangrijk vind dat een schilderij ook een documenterende waarde heeft. Zoals kunstenaars als Goya, Dürer en nog veel meer schilders altijd al de behoefte hebben gevoeld het lijden te verbeelden en vast te leggen.'

Dit citaat maakt duidelijk dat het Mulders er niet om gaat de zoveelste pastiche van de kunstgeschiedenis af te leveren. In tegenstelling tot veel generatiegenoten die episcoop en paintbox gebruiken om meestentijds geheel vrijblijvende en nietszeggende beeldcombinaties te genereren, zoekt Mulders naar schrijnende, beladen beelden. De kunsthistorie is voor hem geen eindeloze bron van afbeeldingen waaruit om het even geput kan worden.

Tegenover de ironie van veel tijdgenoten zet Mulders ernst en engagement. Een betrokkenheid bij de wereld en met name bij de lijdende medemens. Mulders wil zich niet neerleggen bij het idee dat kunst zinloos is, dat kunst slechts omwille van zichzelf gemaakt wordt en als speeltuig fungeert voor een klein groepje ingewijden. Hij zoekt daarentegen naar betekenisgeving en heeft vertrouwen in de kracht van het beeld en de daardoor opgewekte ervaring. Mulders spreekt in dit verband over 'stichtelijk'. Een geslaagd schilderij moet ontroeren en stichtelijk zijn.

Religie

Bijbelse voorstellingen en symbolen zijn voor Mulders goed bruikbare metaforen voor het menselijk drama, voor het doen en laten van de mens. Het Christus-ver-haal is immers bij uitstek een verhaal dat voor iedereen leesbaar is en waarin het scala aan menselijke emoties - van hoop tot verraad en van onverschilligheid tot fanatisme - aanwezig is. Met de Kerk heeft het gebruik van bijbelse symbolen echter niets van doen. De Kerk is voor Mulders een steen geworden instituut, dat enkel een hypocriete rol vervult binnen het politieke spel van de machtigen der aarde. Religie speelt daarentegen wel een belangrijke rol. Zij vertegenwoordigt voor Mulders een zoeken naar de waarden van het leven, zoals God een personificatie is van een persoonlijke moraal, van het individuele geweten.

Haifa-Tel Aviv

Ook schilderijen van dode ganzen, opengesneden konijnen, roosvensters, bloemen en Davidsterren zijn voor Mulders schrijnende beelden. De kwetsbaarheid van een stuk lichaam zonder huid of van een Davidster, de kortstondige pracht van een bos rozen in volle bloei, de verstilling die uitgaat van een dode ree of de nerven van een stuk hout hebben voor Mulders een gelijke kracht. Het schilderen zelf is voor Mulders echter minstens zo belangrijk. Schilderen is niet slechts het maken van een afbeelding, maar leven geven aan a-priori dode materie. Verf en de geste van het schilderen vertegenwoordigen hierin het zinnelijke element, terwijl het beeld een vorm van ordening en organisatie is. De strijd tussen beeld en massa, tussen structuur en chaos wordt door Mulders op het scherpst van de snede uitgespeeld. Hij wil dat het beeld verf wordt en de verf beeld wordt. De huid van het schilderij is bij Mulders dan ook letterlijk gestolde actie.

De kwetsbaarheid van het onderwerp moet zich direct vertalen in de materie van het schilderij. Zo vertoont het lichaam van een lijdende Christus of het vlees van een opengesneden konijn een zinnelijkheid, die gelijktijdig 'gestraft' of in bedwang wordt gehouden door de structuur van het schilderen zelf. Mulders hoopt dat uit het zinnelijke Èn strijdbare karakter van zijn schilderijen, de mogelijkheid tot verandering spreekt.

Strijd

Mulders staat een strijdbare kunst voor ogen, een 'kunst die zich engageert en niet de ogen sluit voor het riool waarin wij allen leven'. Een kunst die zich iedere dag afvraagt of zij nog iets wil mededelen. Daarom is het niet verwonderlijk dat Mulders zich zowel laat inspireren door kunstenaars als Duccio, Gr¸newald, D¸rer, Rembrandt en Mantegna - aan wiens werk hij zowel qua inhoud als qua voorstelling dikwijls refereert - als een dialoog aangaat met mensen als bijvoorbeeld Nauman, Heyboer en Basquiat. Maar ook schilders als Jackson Pollock en Ad Reinhardt bieden referenties en houvast, ondanks het feit dat zij heel verschillende houdingen - de èèn actief, de ander contemplatief - vertegenwoordigen. Wat beide kunstenaars gemeen hebben is dat zij een enorme radicaliteit ten toon spreiden waar het gaat om de positionering van het kunstwerk in het gewone leven.

Generaliserend gesteld hebben al deze kunstenaars tenminste ÈÈn ding gemeen: het feit dat zij geen 1'art pour 1'art maken, maar proberen de verwarrende en verontrustende werkelijkheid van het bestaan in hun werk te transformeren tot kunstwerken die aanspreekbaar zijn en de grote waarden van het leven als inhoud hebben. Het is precies wat Mulders in zijn werk poogt te doen. Hij wil in zijn schilderkunst de band met het leven herstellen. Mulders gelooft nog in de kracht van een schilderij waarin ethiek en verf samenkomen. In die zin is zijn werk een revitalisering van het schilderen als genre, het is een poging het oude mètier een hernieuwde zeggingskracht te geven.

Van Abbemuseum 03.10.1993 - Jaap Guldenmond